OVERZICHT VAN DE GENITALIËN VAN DE TWEE GENETISCHE GESLACHTEN Eileider (2) Transport van het eitje. Bevruchting gebeurt idealiter in de eileider. Baarmoeder Opbevarer det befrugtede æg, foster og senere barnet 16 Eierstokken (2) Kapselt het bevruchte eitje in, en later de foetus en daarna het embryo. Baarmoederhals Sluit de baarmoeder af, speciaal bij zwangerschap. www.eurofysica.nl Eierstok (2) ”Vangt” het eitje en leidt deze naar de eileider. Vagina Uitgang voor menstruatie en eventueel een kind. Ingang voor penis en sperma. Bescherming van de baarmoeder. Labia en clitoris Beschermt de vagina en speelt een rol bij seksueel plezier en orgasmes.
Download PDF fil